Agenda

Morgendienst 1 (sectie 4-7) - Viering Heilig Avondmaal

Kalender
Kerkdiensten De Fontein
Datum
10 november 2019 09:00 - 10:00

Beschrijving

Liturgie zondag 10-11-19 9 + 11 uur HA ds Chiel Vleesenbeek

  • Votum en groet, daarna Zingen Opwekking 797

U roept ons samen als kerk van de Heer, verbonden met U en elkaar.
Wij brengen U lof, geven U alle eer: eendrachtig, veelstemmig en dankbaar.
Jezus is gastheer en nodigt ons uit: waar Jezus woont voelt de liefde zich thuis!

Jaag naar de liefde, de vrucht van de Geest die alles gelooft en verdraagt.
Streef naar de gaven die God aan ons geeft: veelkleurig, verschillend en dienstbaar.
Eenheid en waarheid ontmoeten elkaar: liefde brengt samen, verbindt en aanvaardt.

Refrein Breng ons samen, één in uw naam. Ieder is welkom hier binnen te gaan.
            Samen, één door de Geest; verbonden in liefde, die U aan ons geeft.

U roept ons samen voor Woord en gebed, als deel van uw kerk wereldwijd.
Wij bidden om vrede, verzoening en recht; gebruiken met vreugde de maaltijd.
Wij breken het brood en verstaan het geheim, om samen uw kerk en van Christus te zijn.

Refrein

Bridge 2x         Wij belijden één geloof en één Heer;
                        zijn geroepen tot één hoop, tot uw eer.
                        Heer, geef vrede die ons samenbindt.

Vader, maak ons één! Breng ons samen, één in uw naam.
Ieder is welkom hier binnen te gaan.
Samen, één door de Geest; verbonden in liefde.           Refrein

  • Zingen Opwekking 733

De zon komt op, maakt de morgen wakker; mijn dag begint met een lied voor U.
Heer, wat er ook gebeurt en wat mij mag overkomen, laat mij nog zingen als de avond valt.

Refrein Loof de Heer, o mijn ziel. O mijn ziel, prijs nu zijn heilige Naam.
            Met meer passie dan ooit; o mijn ziel, verheerlijk zijn heilige Naam.

Heer, vol geduld toont U ons Uw liefde. Uw Naam is groot en Uw hart is zacht.
Van al Uw goedheid wil ik blijven zingen; tienduizend redenen tot dankbaarheid.                        Refrein

En op die dag, als mijn kracht vermindert, mijn adem stokt en mijn einde komt,
zal toch mijn ziel Uw loflied blijven zingen; tienduizend jaar en tot in eeuwigheid.                        Refrein 2x

Slot:     2x Verheerlijk zijn heilige naam.

  • Bidden, daarna Lezen Rechters 15: 1-20 Niet lang daarna, in de tijd van de tarweoogst, wilde ​Simson​ zijn vrouw een bezoek brengen. Hij had een geitenbokje voor haar meegenomen. ‘Ik wil graag mijn vrouw bezoeken in haar eigen vertrek,’ zei hij, maar haar vader weigerde hem de toegang. 2‘Ik was er vast van overtuigd dat je niets meer van haar wilde weten,’ zei hij. ‘Daarom heb ik haar aan een ander gegeven. Maar haar jongere zuster is nog mooier dan zij. Waarom zou je die niet nemen in haar plaats?’ 3Toen zei ​Simson: ‘Ik zal ze krijgen, die Filistijnen. En deze keer valt mij niets te verwijten!’ 4Hij ging weg, ving driehonderd vossen en legde fakkels klaar. De vossen bond hij twee aan twee met de staarten aan elkaar, steeds met een fakkel ertussen. 5Toen stak hij de fakkels aan en stuurde de vossen de korenvelden van de Filistijnen in. Zo stak hij alles in brand, niet alleen de korenschoven en het koren dat nog op de akker stond, maar ook de wijngaarden en de olijf-gaarden. 6De Filistijnen wilden weten wie daarvoor verantwoordelijk was. Toen ze erachter kwamen dat ​Simson​ het had gedaan, omdat zijn schoonvader hem zijn vrouw had afgenomen en haar aan een ander had gegeven, staken ze het ​huis​ van ​Simsons​ schoonvader in Timna in brand, zodat ​Simsons​ vrouw en haar vader in de vlammen omkwamen. 7Toen zei ​Simson: ‘O, gaat het er hier zo aan toe? Dan zal ik niet rusten voor ik me gewroken heb!’ 8En hij sloeg er ongenadig op los en maakte talloze slachtoffers. Daarna trok hij zich terug onder een overhangende rots bij Etam. 9De Filistijnen vielen daarop Juda binnen, sloegen hun kamp op bij Lechi en begonnen zich van daar te verspreiden. 10De Judeeërs vroegen hun waarom ze hun gebied waren binnengevallen en kregen als antwoord: ‘We zijn gekomen om ​Simson​ gevangen te nemen. We willen hem betaald zetten wat hij ons heeft aangedaan.’ 11Toen gingen drieduizend Judeeërs naar ​Simsons​ rotshol bij Etam. ‘Hoe kon je ons dit aandoen?’ vroegen ze. ‘Je weet toch dat de Filistijnen hier de baas zijn!’ Maar ​Simson​ zei: ‘Ik heb hun alleen betaald gezet wat zij mij hebben aangedaan.’ 12‘We zijn gekomen om je gevangen te nemen,’ zeiden de Judeeërs. ‘We gaan je uitleveren aan de Filistijnen.’ ‘Zweer me dan dat jullie me niet zullen doden,’ zei ​Simson. 13‘Nee, daar is geen sprake van,’ verzekerden ze hem. ‘We binden je vast en leveren je aan hen uit, maar doden zullen we je niet.’ Ze boeiden hem met twee nieuwe touwen, leidden hem uit zijn rotshol 14en brachten hem naar Lechi, waar de Filistijnen juichend op hem afstormden. Toen voer de ​geest van de HEER​ in hem. De touwen waarmee hij was gebonden leken wel ​vlas​ dat wegschroeit in het vuur, zo makkelijk vielen ze van zijn armen en zijn polsen. 15Hij zag een ezelskaak liggen; het bot was nog hard. Hij raapte het op en sloeg er duizend man mee dood. 16‘Met een ezelskaak heb ik hun botten gekraakt. Met een ezelskaak heb ik er duizend geraakt!’ riep hij uit, 17en gooide het bot weer weg. Hij noemde die plek Ramat-Lechi. 18Hij had ondertussen erge dorst gekregen, en daarom riep hij tot de HEER: ‘Aan u, Heer, heb ik deze geweldige overwinning te danken. Moet ik nu sterven van de dorst en alsnog in handen vallen van die onbesnedenen?’ 19Toen liet God in de kom van het dal bij Lechi de aarde openbarsten. Er kwam water uit en ​Simson​ dronk ervan, zodat hij weer helemaal op krachten kwam. En hij noemde die bron, die tot op de dag van vandaag bij Lechi is te vinden, En-Hakkore. 20Tijdens de Filistijnse overheersing trad ​Simson​ twintig jaar lang op als rechter.
  • Verkondiging, daarna Zingen DNP 111: 1

1 Met heel mijn hart prijs ik de HEER, want wat Hij doet verdient de eer.
Ik zal in zijn gemeente zingen! Wie van Gods werk houdt, denkt eraan.
Zijn macht is groot, zijn recht blijft staan. De HEER doet schitterende dingen!

Viering HA       alleen 9 uur Belijdenis Jan Pieter van der Wal

  • Zingen Opwekking 737: 1-4

1 U nodigt mij aan tafel, om dicht bij U te zijn;
te proeven van het leven, dat U deelt door brood en wijn.
U leidt mij in de stilte, ik volg U met ontzag:
een plaats van rust waar ik U ontmoeten mag.

2 U ziet mijn hart en leven, de onrust die verwart;
mijn onbesproken vragen, die er leven in mijn hart.
U kent al mijn gedachten, verbergen kan niet meer:
in vertrouwen leg ik alles voor U neer.

3 De beker in uw handen, neem ik vol liefde aan,
uit handen die verwond zijn, waarin de tekens staan.
Geen woorden meer van oordeel, genade onverdiend,
die aan tafel wordt geproefd en wordt gezien.

4 U deelt met mij de maaltijd, reikt mij verzoening aan.
Uw liefde is nog groter dan de schuld die is voldaan.
U toont mij uw genade, die werkzaam is in mij:
door de kracht van uw genade ben ik vrij!

  • Instellingswoorden HA, daarna Zingen na kring 1 DNP 111: 2

2 Hij wil dat niemand ooit vergeet wat Hij in zijn genade deed.
Zijn trouw laat Hij voor altijd blijken. Zijn zwervend volk kreeg proviand.
Hij bracht hen in een eigen land. De volken moesten voor hen wijken.

  • Zingen na kring 2 DNP 111: 3

3 De HEER is eerlijk en oprecht in wat Hij doet en wat Hij zegt.
Hij gaf een wet voor alle tijden. Bij zijn verbond hoort zijn bevel
voor het verloste Israël. Voor altijd moet zijn woord hen leiden.

  • Zingen DNP 111: 4

4 Volmaakt en heilig is de HEER. Buig in aanbidding voor Hem neer,
dan zul je diepe wijsheid leren! Hij is de God die inzicht geeft
aan wie eerbiedig voor Hem leeft. Voor altijd zal zijn volk Hem eren.

  • Bidden
  • Collecte
  • Zingen LB 885

Groot is uw trouw, o Heer, mijn God en Vader.
Er is geen schaduw van omkeer bij U.
Ben ik ontrouw, U blijft immer dezelfde
die U steeds was, dat bewijst U ook nu.

Refrein             Groot is uw trouw, o Heer,
                         groot is uw trouw, o Heer,
                         iedere morgen aan mij weer betoond.
                         Al wat ik nodig had,
                        hebt U gegeven. Groot is uw trouw,
                        o Heer, aan mij betoond.

U geeft ons vrede, vergeving van zonden,
en uw nabijheid, die sterkt en die leidt:
Kracht voor vandaag, blijde hoop voor de toekomst.
U geeft het leven tot in eeuwigheid.                              Refrein

  • Zegen
GKV Zwolle-West is onderdeel van het landelijke GKV kerkverband. | Privacy verklaring| Website door Inxpact